Jophiël van der Meij Winter

Nachtvlucht

Laat ik – voor de verandering – mijn blogpost eens beginnen met een gedichtje in plaats van een overpeinzing:

“Hijs de zeilen

Recht vooruit

Kijk daar gaat ze

Vol de Nuit!”

Waarom dit gedichtje? Nou, zodat ik daar een overpeinzing omheen kan bouwen…

Het begon bij een beeldhouwwerk

Ooit liepen mijn vriendin en ik door het museum Beelden aan Zee in Scheveningen. Destijds was daar een tentoonstelling van kunstenaar Carel Visser te zien. Zalen vol abstracte kunstwerken, waarvan de meesten een ‘eenvoudige’ Nederlandse naam hadden. Bij elk beeld probeerden we ons voor te stellen hoe de kunstenaar ernaar gekeken had. Hoe had hij het gemaakt? En waarom had hij deze titel gekozen? Konden we de titel van het kunstwerk terugzien in het beeld zelf?

Onze breinen waren al aardig warmgedraaid toen we bij een constructie kwamen die onze interesse prikkelde. ‘Vol de nuit’ heette het. Een verzameling aan ijzeren platen en verbindingen, waar we niet direct een herkenbare vorm in herkenden.

“Wat is een nuit?” overpeinsden we met z’n tweeën. “Is het zoiets als ‘er volop voor gaan’? Is het een Oudhollandse uitdrukking waar we nooit van gehoord hebben?”

Na een paar minuten gaven we ons gewonnen en zochten we onze heil bij de andere kunstwerken. Pas uren later kwam de verlossende ingeving. Carel Visser had ook in Frankrijk gewoond…

‘Vol de nuit’ was Frans voor ‘Nachtvlucht’.

120 jaar Ploegsma

Vorig jaar stuitte ik op een schrijfwedstijd van uitgeverij Ploegsma. Voor hun 120e verjaardag zochten ze verhaalideeën voor een jeugdboek, gebaseerd op twee illustraties van de Portugese illustrator Francisco Fonseca. Om mee te doen met de wedstrijd moest je een verhaalidee samen met de eerste paar hoofdstukken opsturen.

Ik had het druk (een terugkerend thema in mijn blog, geloof ik). Nog niet zo lang geleden was ik begonnen als geestelijk verzorger bij het Luchthavenpastoraat van Schiphol. Een hele nieuwe wereld aan indrukken en bijzondere verhalen hielden mij daarom bezig, nog afgezien van wat het leven verder zoal op ons pad gooit.

Francisco Fonseca illustratie

Aan de andere kant, stonden mijn andere schrijfprojecten al een tijdje op een laag vuur. Het kriebelde bij mij om weer aan iets te werken. Soms is het schrijfverlangen sterker dan wij.

Dus pakte ik mijn spreekwoordelijke pen en typte de eerste woorden. Een van de illustraties had me direct geïnspireerd. Een vliegend schip in de nacht. Het deed me denken aan een wandeling door een museum. En een inside joke die mijn vriendin en ik al jaren deelden… Mijn verhaal zou gaan over Vol de Nuit.    

Maanden na het insturen van mijn verhaal kreeg ik een uitslag. Ik had de 3e prijs gewonnen! Een mooie verassing.

Slotgedachten

In de vorige eeuw is er door de Franse schrijver en vliegenier Antoine de Saint-Exupéry een boek geschreven dat Vol de nuit heette. Ik heb het nooit gelezen, maar als ik Wikipedia mag geloven was het een internationale bestseller.

Ik heb er geen onderbouwing voor, maar als ik aan het kunstwerk van Carel Visser denk, geloof ik dat hij zich heeft laten inspireren door het boek van Antoine de Saint-Exupéry. En voor mijn inzending voor de wedstrijd van Ploegsma, Nachtvlucht, heb ik veel te danken aan het beeldhouwwerk van Carel Visser. Het gedichtje aan het begin van deze blogpost is daar onder andere een product van.

Dit alles om te zeggen: kunst leeft altijd voort, zelfs op manieren die we niet kunnen voorzien. En inspiratie kan overal opduiken, zelfs in taalkundige misverstanden.